bulldozer

Voortaan vaste onderhandelingstermijn in onteigeningsprocedures

In het Vlaams Onteigeningsdecreet werd in 2017 de verplichting ingeschreven tot het voeren van minnelijke onderhandelingen bij een onteigening. Door middel van een decreetswijziging van 16 oktober 2020, geldt voor onteigeningen opgestart vanaf 1 december 2020 nu een maximumtermijn voor deze onderhandelingsplicht van 1 jaar. De onteigenende overheid kan evenwel ook een kortere onderhandelingstermijn dan 1 jaar bepalen.

De onteigenende overheid brengt de te onteigenen personen met een beveiligde zending op de hoogte van de onderhandelingstermijn. Deze termijn begint te lopen vanaf de derde dag na de postdatum van de zending. Een minimumtermijn voor de onderhandelingen werd niet vastgelegd in het decreet. In ieder geval mag de onteigenende overheid slechts de onteigening via de gerechtelijke weg opstarten 4 weken nadat zij een aanbod heeft geformuleerd ten aanzien van de te onteigenen personen.

De nieuwe regeling inzake onderhandelingstermijnen is hierbij van toepassing op alle onteigeningsprocedures waarvoor op of na 1 december 2020 een voorlopig onteigeningsbesluit wordt genomen. Voor onteigeningsprocedures die opgestart werden voor 1 december 2020 geldt deze regeling dus niet.

Eens de door de onteigenende overheid bepaalde onderhandelingstermijn is afgelopen, kan men als burger de onteigenende overheid niet langer verplichten om te onderhandelen over een eventuele minnelijke verwerving van de gronden. De onteigenende overheid kan echter zelf nog wel beslissen om de onderhandelingen ook na de door haar bepaalde onderhandelingstermijn verder te zetten, al zal dit steeds op vrijwillige basis zijn.

Tevens wordt voortaan in het Onteigeningsdecreet ingeschreven dat deze minnelijke onderhandelingsplicht eveneens een einde neemt wanneer de te onteigenen persoon ‘uitdrukkelijk het aanvatten of verder voeren van onderhandelingen heeft afgewezen’. Wat hier precies onder begrepen dient te worden, kan door de Vlaamse Regering nader uitgewerkt worden in een uitvoeringsbesluit. In dit geval dient men dus niet te wachten tot het verstrijken van de onderhandelingstermijn alvorens men de onteigening via de gerechtelijke weg opstart.

Met deze decreetswijziging wil men vermijden dat onderhandelingen over een minnelijke verwerving van de te onteigenen goederen te lang aanslepen, waardoor o.a. broodnodige infrastructurele projecten onnodige vertraging oplopen.

→ Wenst u meer te vernemen over uw rechten in het kader van een onteigeningsprocedure? Contacteer Surmont Advocaten.